Wat hebben we in de afgelopen tijd bereikt?

Sinds de zomer van 2020 zijn naast de doorontwikkeling van de Atlas nog vele stappen gezet. Lees hier wat we in de afgelopen tijd hebben gedaan.

Monitoring

Monitoring blijft een belangrijk, maar lastig instrument. Er moeten afwegingen in locaties, onderdelen en frequentie worden gemaakt, want het uitvoeren van metingen is kostbaar. In de Atlas hebben we verschillende meetgegevens kunnen ontsluiten, zoals de resultaten van de zogenaamde brede screening (via de website van BrabantInZicht). Na een grondige analyse van de verspreiding van de stof melamine in het stroomgebied, zijn stappen benoemd om de monitoringprogramma’s van de waterschappen en drinkwaterbedrijven dusdanig aan te vullen dat een compleet beeld over het stroomgebied wordt verkregen. Daarnaast wordt ook gewerkt aan nieuwe metingen op het gebied van influent en effluent.

Bedrijven

De stuurgroep Schone Maaswaterketen heeft vruchtbaar overlegd met Hans Geijselaers (Sitech) en Lianne van Oord (Brightsite) over de ontwikkelingen op het Chemelot-terrein. Vanuit Brightsite wordt gewerkt aan een programma voor circulair water op het Chemelot-terrein, met aandacht voor zowel kwalitatieve als kwantitatieve aspecten. Veel waardering was er voor de procedure rond de nieuwe vergunning voor de industriële afvalwaterzuivering (iazi) van Sitech, dat het afvalwater van ongeveer 50 bedrijven zuivert.De procedure wordt nadrukkelijk gezien als een voorbeeld hoe in Nederland dergelijke processen doorlopen zouden moeten worden. In een vervolggesprek is gekeken naar mogelijke aanknopingspunten voor gezamenlijke acties en daaruit kwam bijvoorbeeld ‘gezamenlijke effluentmetingen’: op dezelfde wijze en momenten effluentmetingen uitvoeren op rwzi’s en iazi’s, zodat gegevens goed vergelijkbaar zijn.
Dit wordt opgenomen in het monitoringtraject.

Vergunningen inzichtelijk

In lijn met de afspraken die in het overleg ‘versnellingstafel opkomende stoffen’ zijn gemaakt, willen we voor elkaar krijgen dat vergunningen van directe en indirecte lozingen transparant worden ontsloten. Met dank aan Rijkswaterstaat staan de vergunningen voor de directe lozingen inmiddels op de Atlas. Het in beeld brengen van indirecte lozingen blijkt een veel grotere en lastigere klus. We gaan hier een eerste stap in zetten, door voor een aantal rwzi’s een beter beeld te krijgen van lozende bedrijven. 

Buitenland

Voor het verkrijgen van een schone Maas is het belangrijk dat ook verontreinigingen in het buitenland zo veel mogelijk worden teruggedrongen. Contact leggen met de buurlanden is hiervoor noodzakelijk, maar in tijden van corona verloopt dat wat lastiger. In de zomer van 2020 zijn er wel gesprekken gevoerd met een vertegenwoordiging uit Wallonië en Vlaanderen. 

Wallonië

Wallonië bevindt zich in een totaal andere ontwikkelfase op het gebied van het zuiveren van afvalwater. In Nederland vormde in 1972 de ‘Wet verontreiniging oppervlaktewateren’ een belangrijke impuls, voor Wallonië was dat in 1991 de ‘Europese Richtlijn stedelijk afvalwater’. Ter illustratie: Luik heeft pas sinds 10 jaar een rwzi. Op dit moment spelen daar nog optimalisatievraagstukken rond slib en energieverbruik. Microverontreinigingen staan bijvoorbeeld nog niet krachtig op de kaart.

Vlaanderen

In Vlaanderen zijn boeiendere ontwikkelingen. Zo start in Aertselaar een proef op praktijkschaal om microverontreinigingen te verwijderen. Aquafin is de enige partij in Vlaanderen die de zuiveringstaken uitvoert. In Vlaanderen kunnen snel stappen worden gezet, zo bleek na het verschijnen van de richtlijn ‘Stedelijk afvalwater’.

Duiding van baten en lasten

De waterschappen en drinkwaterbedrijven werken binnen de Schone Maaswaterketen samen alsof ze één Maasbedrijf zijn. Maar waar zet je dan op in: zuiveren op rwzi’s of aanvullende zuivering van drinkwater of een combinatie? En waar zitten dan de maatschappelijke baten en lasten? KWR Water voert momenteel een onderzoek uit om beter inzicht te krijgen in deze baten en lasten. Verschillende belanghebbenden worden hiervoor geïnterviewd.

Actieprogramma

Ondertussen wordt gewerkt aan een actieprogramma. De planning is om dit programma eind 2021 vast te stellen. De ambities zijn een belangrijk onderdeel in het actieprogramma. In lijn met de afspraken rond de Rijn, ligt er nu de ambitie om in 2040 een vermindering van 30% organische microverontreinigingen ten opzichte van nu te realiseren. Omdat 2040 nog ver weg is, is er ook naar een kortere termijn gekeken. In 2027 willen we een reductie van 10% gerealiseerd hebben.

Inhoud actieprogramma

Voor de zomer ligt er een eerste concept van het actieprogramma, met naast de ambities ook de initiatieven die op de planning staan. Denk aan de bouw van aanvullende zuivering op een aantal locaties. Ook beschrijft het actieprogramma het werkprogramma voor de Schone Maaswaterketen als collectief voor 2022-2027. Voor 2022 zal dat concreet zijn, voor de jaren daarna indicatief.

••••••••

Verloop van blauw naar groen